zondag 19 januari 2014

Zeepbel voor gasbel

Groningen en dan met name Noordoost en Oost Groningen beheersen de politieke agenda van het kabinet. Er zijn vast bewindslieden die bij het horen van de naam van onze regio al het zweet tussen hun billen hebben staan. De minister van Economische Zaken Henk Kamp heeft ons afgelopen vrijdag zijn fopspeen gebracht, waarvan hij hoopt dat daarmee hier het rumoer over de gaswinning en de aardbevingen zal gaan verstommen. Ter compensatie van het leeghalen van de Groninger gasbel en de schade en ellende die dat in onze provincie allemaal teweeg brengt, heeft hij ons met zijn aangekondigde maatregelen en zijn financiële kralen en spiegels uiteindelijk een zeepbel verkocht.

We worden wederom met zijn allen weer besodemieterd! Laat ik beginnen met de zogenaamde hand aan de kraan, waarbij in het meest risicovolle winningsgebied de productie met maar liefst 80% wordt teruggebracht. Het betreft concreet de productie rondom Loppersum, waar de prachtige fresco's van de hervormde Petrus en Paulus kerk al in stukken naar beneden komen. Het verlies aan productie aldaar wordt aan de rand van het Groninger gasveld gecompenseerd door meer uit de grond te gaan halen rondom Hoogezand-Sappemeer en Scheemda. Het risico dat de aardbevingen zich op termijn mee zullen gaan verplaatsen naar dit gebied als episch centrum wordt gebagatelliseerd met de voorspelling dat de kans op een beving daar, door een andere bodemsamenstelling, maar 10% is van de huidige situatie rondom Loppersum. Wie kennen de NAM en de wetenschappers, wie gelooft dat nog?

De productie gaat inderdaad omlaag. Ten opzichte van het afgelopen jaar dan. Het jaar waarin de hoofdafsluiter juist, tegen alle adviezen in, extra wijd open werd gedraaid en waarbij in totaal een topproductie van bijna 55 miljard kubieke meter gas werd gerealiseerd. Nu wil Kamp weer terug vallen op circa 42 a 43 miljard kuub per jaar. Laat dat nu precies de jaarlijkse gemiddelde hoeveelheid van het huidige productieplan zijn! Er wordt daarmee dus in het geheel niet aan productiebeperking gedaan, terwijl het Staatstoezicht op de Mijnen, de adviseur ten aanzien van veiligheid van de minister zelf, al een jaar roept dat ten opzichte van dit productieplan direct minimaal 40% moet worden gereduceerd. De harde conclusie is dat er in 2013 juist 10% meer is geproduceerd in plaats van de geadviseerde 40% minder. Over zorg voor onze regio en haar bevolking gesproken!

Dan het geld. Kamp bracht afgelopen vrijdag 1,2 miljard euro voor de regio mee. Een op het eerste gezicht gigantisch bedrag maar schijn bedriegt. In dit bedrag zit 500 miljoen euro waartoe de NAM zich nu al heeft verplicht om het herstel van de lopende schades af te wikkelen. Ook zit in het bedrag regulier geld voor het verstevigen van de dijken waarmee reeds 850 miljoen euro van de 1,2 miljard al was voorzien. Dit betekent dat slechts 350 miljoen van het totale bedrag aan de regio additioneel geld is. In feite zijn we dus blij gemaakt met een dooie mus.

donderdag 16 januari 2014

Wij gaan de bakens verzetten

Veel van de ellende waar we nu, maar ook in de komende jaren in gemeenteland mee te maken krijgen heeft zijn oorsprong in het huidige regeringsbeleid. De 6 miljard extra bezuinigingen, bovenop de al eerder afgekondigde bezuinigingen, waarmee we in 2013 werden geconfronteerd hebben we ronduit te danken aan de VVD en de PvdA en werden in de afgelopen herfst mede mogelijk gemaakt door D66, de ChristenUnie en SGP. Als lijsttrekker van GroenLinks in de gemeente Oldambt ben ik blij dat mijn partij niet medeverantwoordelijk kan worden gesteld voor dit huidige afbraakbeleid. Tegelijkertijd heb ik wel te doen met de plaatselijke politici van de genoemde partijen die verantwoordelijk zijn of hun medewerking hebben gegeven aan de keuzes die vooral het sociale domein hard treffen. Kromme dingen praat je immers nooit weer recht, hoe goed je lokale intenties ook zijn. Daar weten wij als GroenLinksers zelf ook over mee te praten.

GroenLinks komt op voor alles wat kwetsbaar is. Dat geldt voor de natuur, ons landschap en het milieu maar bovenal voor de mensen die geen baan meer hebben, in de bijstand zitten of arbeidsgehandicapt zijn. Aan hen willen we weer perspectief voor de toekomst gaan bieden. In de optiek van GroenLinks kan dat alleen maar slagen indien hier in onze regio ook voldoende banen voor handen zijn. Het aantrekken van voldoende werk van buitenaf is geen succes gebleken en de van oudsher gevestigde bedrijven hebben vaak het water tot aan hun lippen staan. Door landbouwmechanisatie, overheveling van productie naar lage lonen landen en de voortschrijdende automatisering zijn er al veel offers gebracht in onze regio. Nu de energieprijzen in ons land steeds meer onder druk komen te staan verdwijnen ook de bedrijven, met Aldel als eerste trieste voorbeeld, die bovengemiddeld van energie afhankelijk zijn. Het gevolg is dat steeds meer mensen hun baan verliezen of daarvan niet meer zeker kunnen zijn. Uiteindelijk treft deze achteruit boerende economische ontwikkeling ons allemaal. De bakker, de slager en met het oog op de toekomst ook onze kinderen. De economie zoals wij deze kennen en die ons onder eerdere gesternten veel welvaart heeft gebracht, begint op haar laatste benen te lopen. De voortekenen zijn talrijk. We storten ons van de ene crisis in de andere crisis. De rijken worden rijker en nemen in getal toe, terwijl de rekening van de malaise wordt neergelegd bij de gewone burgers, de sappelaars ruim in getal, bij u en ik.
 
En ik pas daarvoor. Het roer moet dan ook om. We moeten zelf weer meer het heft in handen nemen en ons minder afhankelijk gaan maken van fossiele energiebronnen waarvan we kunnen weten dat door schaarste daarvan de prijzen in de toekomst alleen nog maar zullen gaan stijgen. Doorgaan op de huidige weg betekent nog meer omvallende bedrijven en voor de gezinnen een stijgende afdracht aan woonlasten omdat uw aller energierekening de komende jaren nog spectaculair zal doorgroeien.
 
De geitenbreiers van vroeger zijn echter de realisten van nu. GroenLinks wil de omslag bewerkstelligen naar een duurzame lokale economie, want daarin ligt volgens ons een groot deel van de oplossing om voor de toekomst gesteld te staan en ons een lonkend perspectief te bieden. Lokaal is dan ook lokaal. We vullen de daken met zonnepanelen en zorgen door middel van grootschalige woningisolatieprogramma’s dat uw energiegebruik omlaag gaat. De winst valt u direct toe want de energierekening valt immers lager uit en uw besteedbaar inkomen wordt daarmee ruimer, we creëren werkgelegenheid want alles moet worden geplaatst en onderhouden en bovendien is het goed voor ons milieu. Bovendien maakt het ons minder afhankelijk van buitenlandse energiereuzen en het Rusland van Poetin, Naast alle homo’s die hij in zijn eigen land in de kou laat staan, zal zijn regime er uiteindelijk ook niet voor terugdeinzen om ons allemaal datzelfde lot te laten ondergaan. Willen we dat riskeren? Mooi niet! Uiteindelijk dus vier keer winst!
 
De gemeente helpt ons mee door subsidies en goedkope leningen te verstrekken. We richten fondsen op en we werken als buurt of dorp nauw samen. Ook hier weer winst want dit komt de sociale cohesie ten goede. We worden weer een hechte gemeenschap.
We richten, O goede ouwe tijd, een eigen lokaal energiebedrijf op en produceren op duurzame wijze ons eigen groen gas. Niet willen en niet kunnen, liggen naast elkaar op het kerkhof! Maar wij zij alive and kicking en we blijven op deze wijze nieuwe groene en duurzame banen scheppen.

Die grote megaparken met joekels van windturbines, die willen we niet meer! Kleinschalige parken van hooguit 3 tot 4 molens waarvan de dorpen in de omgeving in de opbrengst direct meeprofiteren, dat is veel beter. In het Friese Pingjum doen ze dat al en door hun eigen dorpsmolen op zo’n park, kon het gemeenschapshuis en de gymzaal voor het dorp worden behouden. Ook windmolens op een kleinschalig park bieden wederom volop werk. Wel moet een dergelijk park landschappelijk zijn in te passen want natuur en landschapswaarden zijn voor GroenLinks ook erg belangrijk. Windmolens op de zeedijk langs de Waddenzee of de Dollard? Hoe kom je er op! Alleen de gedachte al.
 
De agrarische sector gaan we stimuleren om de overstap te gaan maken naar een bio based economy wat niets anders is dan dat deze economie gebaseerd is op hernieuwbare grondstoffen. Hierbij worden gekweekte gewassen van land, rest hout uit bossen en plantaardig afval gebruikt voor steeds meer toepassingen. Niet alleen als biobrandstof, maar ook hoogwaardige materialen, medicijnen, chemicaliën of plastics. Het grote voordeel daarvan: de grondstoffen raken nooit op. De hernieuwbare economie levert naast eerlijke en innovatieve producten ook veel werkgelegenheid op, zowel voor laaggeschoolde arbeiders al hoger opgeleiden die we in ons Oldambt goed kunnen gebruiken om de zwakke sociaal economische structuur te doorbreken. Met een chemiepark in onze achtertuin biedt de hernieuwbare economie voor het Oldambt veel kansen. Bovendien levert het de boer door de hoogwaardigheid van de op het agrarisch bedrijf te produceren (half)fabricaten een interessante waardevermeerdering per hectare gewas op. Direct doen dus!
 
En.... nog niet enthousiast geworden over onze werkgelegenheidsaanpak? Jammer, dat zouden we erg betreuren. Wel enthousiast? Stem dan op 19 maart op GroenLinks en geef ons de kans en uw vertrouwen om onze gemeente Oldambt groener, duurzamer en socialer te maken. Het wordt nu echt tijd om de bakens te verzetten!

maandag 30 december 2013

Aldel failliet omdat Amerikaanse aandeelhouder niet thuis geeft.

Soms ben je niet blij wanneer je alsnog gelijk krijgt. Dat gevoel kwam boven bij het bericht dat de Aluminium fabriek Delfzijl (Aldel) toch haar faillissement heeft aangevraagd. Het betekent een heel slecht begin van 2014 voor honderden medewerkers van het bedrijf en ook nog eens honderden bij toeleveringsbedrijven in de regio Eemsmond. Zeer recent nog besloot de Provincie Groningen samen met het ministerie van Economische Zaken een overbruggingskrediet van 8 miljoen euro te verstrekken. Tijdens het debat daarover op 8 oktober jl. in de commissie Bestuur, Financiën en Economie (BFE) was GroenLinks de enige partij die kritische vragen had met betrekking tot het voornemen en er uiteindelijk niet mee instemde. Vragen van fractievoorzitter Mario Post over de weifelende rol van de grootaandeelhouder die haar verantwoordelijkheid niet wenste te nemen. Over de risico’s voor onze Provincie om, in het geval er alsnog een faillissement volgde, haar bijdrage van 4 miljoen euro kwijt te zijn. Maar vooral scepsis over de korte termijn politiek omdat een grootverbruiker van energie als Aldel nooit zal kunnen concurreren met bedrijven die geografisch gekoppeld zijn aan grote producenten van goedkope, vaak duurzame energie, zoals in waterkracht (Noorwegen), geisers (IJsland) of zonne-energie en affakkelgas. Argumenten die wij niet zelf bedacht hadden maar komen uit de mond van toenmalig minister Verhagen in antwoord op vragen rondom het faillissement van het Zeeuwse zusterbedrijf Zalco in 2012. Gedeputeerde van Mastrigt meldde een toezegging van Klesch (aandeelhouder)tot bereidheid voor de investering in een netwerkkabel. Een toezegging die dus boterzacht is gebleken. Alle overige partijen gingen zonder een enkele kritische vraag, akkoord met de tijdelijke steun. Natuurlijk deelden wij met hen de zorg voor de werkgelegenheid in een zeer kwetsbare regio en leven we met de betrokken medewerkers mee. Maar politiek alleen behoud geen werkgelegenheid. Dat doen werkgevers, of zouden dat behoren te doen. In dit geval blijkt de enige aandeelhouder van het bedrijf geen enkele verantwoordelijkheid te nemen voor een mogelijke oplossing. Laten wij daar nu voor gewaarschuwd hebben!

Persbericht van de provinciale fractie van GroenLinks - 30 december 2013

zaterdag 9 november 2013

Hulde aan de voedselbank Oldambt!

Natuurlijk behoort zo'n rijk land als Nederland zich te schamen voor het fenomeen voedselbank. Iedereen zou om te beginnen voldoende inkomsten moeten hebben om menswaardig rond te kunnen komen. Een gegarandeerd basisinkomen voor iedere Nederlander, zoals GroenLinks dat landelijk al jaren bepleit, is dan ook zo'n slechte gedachte nog niet. Dat de verschillen tussen rijk en arm in Nederland steeds groter zijn geworden en nog steeds verder toenemen is een regelrechte schande. Dat de koek op een andere wijze onder de mensen verdeeld moet gaan worden behoeft dan ook geen betoog.

Zolang rechts Nederland echter de touwtjes stevig in handen heeft en bezuiniging op bezuiniging stapelt, die vooral de kwetsbaren in onze samenleving treffen, zal de gewenste en broodnodige inkomensherverdeling er nooit gaan komen. Zolang mensen aan de onderkant van de samenleving in een uitzichtloze schuldenproblematiek, ten prooi blijven vallen aan het asociale incassobeleid van de overheid en dito gerechtsdeurwaarders, worden gehele gezinnen, tegen de verdrukking in, in een situatie gebracht waarbij zij het hoofd niet meer boven water weten te houden. Zien we dan ook nog de stijgende werkeloosheid door de huidige crisis en een reïntegratie-beleid waarbij de groeiende groep uitkeringsgerechtigden zonder toekomstperspectief worden gedwongen werkzaamheden te verrichten met behoud van hun uitkering, veelal ook nog regulier werk waarbij niet zelden een andere werknemer uit zijn baan wordt verdrongen, dan is de uiteindelijke conclusie dat de groep die niet meer rond weet te komen alsmaar omvangrijker wordt.

Oog hebben voor deze groeiende groep kwetsbaren en haar beschermen tegen de steeds moeilijker wordende omstandigheden, daarvan mag je van de huidige regeringen niets verwachten, want zo is het uiteindelijk al jaren. Tegen die achtergrond is het lovenswaardig dat er in de loop der jaren initiatieven zijn ontstaan vanuit de bevolking zelf, die er voor gezorgd hebben dat medeburgers die in een schrijnende situatie van armoede verkeren, wekelijks kunnen rekenen op een voedselpakket. Nogmaals dat dit moet is niets om trots over te zijn. Dat er echter vrijwilligers zijn die zich wekelijks inspannen om via een voedselbank toch deze kwetsbare groep van etenswaren te voorzien dat is te prijzen. Zo is ook het onbaatzuchtige werk van de voedselbank Oldambt te prijzen. Wekelijks zetten zij zich in om honderden gezinnen met een luisterend oor en een voedselpakket bij te staan in hun situatie. Een situatie waarbij de overheid het al jaren laat afweten.

Natuurlijk wil je ook kwalitatief goed voedsel ter beschikking stellen, zodat je de garantie kunt geven dat hetgeen je verstrekt nog veilig gebruikt kan worden. Daarvoor doe je als team vrijwilligers vervolgens je best om hygiënisch te werken en de om de bederfelijke voorraad verantwoord te koelen of in te vriezen. Als dan die inspanning leidt tot het behalen van een uniek certificaat in voedselbankenland dan heb je als team reden om daar even met elkaar bij stil te staan. Een met zweet behaalde mijlpaal die een hapje en een drankje onder elkaar waard is. Ook nog zelf bekostigd, wat kan daar nu mis mee zijn?

zondag 27 oktober 2013

So much in common.....

In mijn honger naar tweedehands boeken ben ik vorige week vrijdag maar weer eens bij de kringloopwinkel langs geweest. Drentelend voor de rij boekenkasten liet ik mijn blik langs de ruggen van de boeken glijden. Een dikke meter van mij af stuiterde een jongen van een jaar of zestien met enigszins ongecontroleerde bewegingen eveneens langs de kasten en zette af en toe een boek op grootte tussen de overige boeken op een plank. Hij behoorde duidelijk tot het personeel van de kringloopwinkel, hetgeen mij helemaal duidelijk werd toen hij mij vroeg wat voor boek ik zocht en of hij mij daar behulpzaam bij kon zijn. Mijn antwoord luidde ontkennend omdat ik op zoek was naar een aantal favoriete schrijvers om mijn nog niet geheel complete verzameling mee aan te vullen. Welke schrijvers zoekt u dan, hield de jonge spring in het veld aan. Ik noemde Heinrich Böll, Maarten 't Hart en Hubert Lampo maar liet mij ook ontvallen dat filosofische boeken mijn belangstelling hadden. Ow, die zult u hier denk ik niet gemakkelijk vinden, antwoordde het al te energieke mannetje. Onderwijl had ik al een paperback van Simon Carmiggelt onder mijn arm, welke mij opviel omdat het juist die week 100 jaar geleden was geweest dat deze schrijver was geboren. Daar was onlangs nog aandacht aanbesteed op de televisie. Voor mij genoeg redenen om het boek mee te nemen.

Ik ben hier vandaag voor het laatst, vertelde de boekverkoper, maar ik ga in een echte bibliotheek werken. Ik hoor vandaag of het allemaal doorgaat. Waar vroeg ik hem. Hij antwoordde mij: Leeuwarden. Kom je daar dan vandaan, vroeg ik hem, waarop hij bevestigend knikte. Ik kom oorspronkelijk ook uit Leeuwarden. Tjee, dat is toevallig, beaamde mijn gesprekspartner. Wat ben je ver van huis dan hier in Winschoten. Ik kreeg een verhaal dat hij nu bij zijn vader in Veendam verbleef, maar dat hij straks weer terug ging naar zijn moeder in, juist ja; Leeuwarden. Hee, zei ik, daar staat een boek van Jean Paul Sartre. Toch nog een filosoof gevonden! Ja, bevestigde de met armen en benen zwaaiende knaap, die schrijft hele mooie verhalen en is getrouwd geweest met Simone de Beauvoir. Ik keek hem verwonderd aan en liet mij ontvallen; dat jij dat weet, wat knap van je.

Toen kwam de ware onthulling. Ik, zei de knaap, die als zestienjarige stagiaire bij onze kringloopwinkel werkzaam was, ben ook geïnteresseerd in de filosofie en ik zal het u eerlijk vertellen zei hij, ik ben in de verte familie van Schopenhauer, de grote Duitse filosoof. Echt waar....?, bracht ik verbouwereerd uit. Echt waar, herhaalde hij mijn woorden. Weet u, ging hij verder, ik heb ook een Duitse achternaam want ik heet.... en hij noemde een achternaam die ik mij herinnerde als gelijknamig aan de achternaam van een grote Duitse keukenfabrikant, waarvan het reclamedeuntje mij direct vanuit lang vervlogen tijden door het hoofd schoot. Weet je, zei ik tegen hem, ook ik heb een Duitse achternaam. Nee hè, riep hij enthousiast door de verkoopruimte heen, wat hebben wij toch veel samen, hè.

Met een brede glimlach en een paar pareltjes van boeken verliet ik even later de kringloopwinkel.

zondag 28 juli 2013

1 - in de schaduw van de kersenboom

Bohemen - 26 juni 1914

Věra voelde zich zich gelukkig en voldaan en lag met toegeknepen ogen te rusten onder de oude kersenboom. De kroon van de Hedelfinger Riesenkirche was gevuld met grote groene ovale bladeren en verschafte haar voldoende schaduw om uit de zon te kunnen blijven maar desondanks viel het scherpe licht soms tussen het loof door op haar albasten huid. Van moeder had ze een handje vol dieprode kersen gekregen als beloning voor haar hulp bij het plukken. De rest van de oogst was op de zware Russische kristallen fruitschaal belandt, die moeder in het midden van de keukentafel had gezet. Het lange witte lint dat de mooie pijpenkrullen van Věra bij elkaar hield, lag net als haar blonde haar, uitééngespreid op het groen van het met zorg onderhouden grasveld. Věra was verrukt van deze tuin en kon intens genieten van de mengeling van geuren die de fruitbomen, het gras en de bloemen in het perk verspreiden. Regelmatig hielp ze, als ze niet naar school was, uit een soort van vanzelfsprekendheid haar moeder mee om het hof achter de grote brede woning op orde te houden, het fruit te plukken en soms de losgeraakte houten staken uit de erfafscheiding, naar vermogen van een tienjarige, weer opnieuw vast te zetten. Nog liever dan dat zat ze met haar moeder in de middag op de veranda voor het huis thee te drinken. Ze hield van het uitzicht op het bed met veldbloemen dat de rij plankieren van de houten veranda scheidde van de immer stoffige straat. Mevrouw Dreher en zij keuvelden dan over alles en nog wat dat zo'n pienter meisje als Věra zo dagelijks bezig houdt. De gesprekjes met haar moeder verliepen steevast in een ontspannen en gemoedelijke sfeer. Gistermiddag toen ze ook samen thee hadden gedronken, had Věra haar moeder verteld over de prachtige tuinen van Konpischt, die toebehoren aan Aartshertog Franz Ferdinand. De meester had aan de kinderen in de klas verteld dat de directe omgeving van het slot bestaat uit adembenemende mooie parken met obelisken, fonteinen, beelden en prachtige rozentuinen, waarvan de laatsten nog maar onlangs gereed waren gekomen. Ook was er naar de laatste mode van de aristocratie een fraaie Engelse tuin aangelegd. Oh, wat zou Věra daar in Benešov graag eens een kijkje willen gaan nemen en in gedachte zag zij zichzelf al huppelend en spelend door de rozentuinen rennen, de panden van haar linnen zomerjurkje en de linten in haar haar, licht beroerd door een zomerse bries, wapperend achter haar aan. Moeder had er genoegelijk om moeten lachen, wat kon haar dochter toch vurig en verrukt vertellen. Vera had enthousiast geroepen: Rozen, dat zijn toch echt mijn lievelingsbloemen, hoor Mam!

De meester had de kinderen eveneens vertelt over de liefde voor de jacht die de Habsburger Aartshertog in de loop der jaren had ontwikkeld en die hij, als de gelegenheid zich voordeed, met zijn vrienden beoefende. Keizer Wilhelm van Duitsland was eerder deze zomer nog op het slot Konpischt te gast geweest om samen met Franz Ferdinand deel te nemen aan de jachtpartijen die er werden gehouden. De troonopvolger en de Duitse keizer waren goede vrienden van elkaar en met de jachtpartijen bezegelden ze hun wederzijdse genegenheid. Gezeten vanuit hun stoel in de bosrand lieten ze het wild door de bedienden bijeen drijven, om er vervolgens op te gaan schieten met hun dubbelloops geweren, die voor ieder schot al van munitie waren voorzien door de meegebrachte lagere officieren, die ook het gevallen wild uit het veld bijéén haalden maar bovenal volledig konden worden vertrouwd. Věra kon, met haar nog kinderlijke verbeeldingskracht, echt genieten van al die prachtige verhalen over het leven aan het hof en bij de hogere adel en zij fantaseerde dan dat ze er zelf deel vanuit maakte en ook kon beschikken over het meest nieuwerwetse speelgoed, de prachtigste jurken en natuurlijk de onbeperkte toegang tot de fraaie rozen- en beeldentuinen.

Het leven van Věra in het kleine Boheemse stadje was tot nu toe erg onbezorgd geweest. De familie Dreher staat in goed aanzien doordat Antonin, haar vader, een gewichtige functie bekleed in dienst van het keizerrijk. Zijn vrouw, Anna heeft allereerst de zorg over Věra en de huishouding, voorziet het gezin van een dagelijks maal en schiet daarnaast de Pharrer regelmatig te hulp door hem, met nog een aantal andere vrouwen van de gebedsgemeenschap, te assisteren bij de organisatie van de jaarlijkse Maria-bedevaart, die ook dit jaar weer onlangs in hun stadje heeft plaatsgevonden. De processie te voet begint altijd al heel vroeg op de zondagochtend, waarna om tien uur de dienst volgt in de grote kathedraal en het geheel traditioneel afgesloten wordt met liederen gezongen door het koor waar Vader Antonin eveneens deel vanuit maakt. Věra weet hem altijd, naar haar volste overtuiging, aan zijn donkere diepe stem, uit de veelstemmigheid van het koor te herkennen. Bijzonder was het toen het mannenkoor samen met de dames, maar wel met afzonderlijke partijen binnen de partituur, het wonderschone "Ave Verum Corpus" ten gehore bracht. Stilletjes zingt Věra de Latijnse woorden mee over hoe de enig geboren zoon van de Heilige maagd Maria, zijn leven voor ons heeft gegeven aan het kruis. Het koor en de prachtige liederen die er gezongen worden maken iedere keer weer een enorm diepe indruk op haar. Als ze dan na afloop, aan de hand van haar moeder, de kerk verlaat is er een diepe stilte in haar gevaren en pas na een poosje is ze dan weer in staat om haar van God gekregen enthousiasme aan de wereld om haar heen te tonen, zó beduusd is zij van de overweldigende impressie die er in de kerk over haar heen gevallen is.

Vanochtend, van achter uit de tuin, maakte het lawaai van potten, pannen en deksels Věra er opmerkzaam op dat haar moeder het middagmaal aan het bereiden was in de keuken. Bovendien ontsteeg de heerlijke geur van het varkensvlees de woning en kwam in vlagen aan de neus van Věra voorbij. Wat eten we straks, mamma? had Věra geroepen terwijl ze naar binnen was gelopen om zelf te kunnen beobachten wat haar moeder allemaal voor een lekkers aan het bereiden was. Haar vraag bleek strikt overbodig want toen ze ontdekte dat Anna Dreher bezig was om geroosterde varkenspoot (Pečené vepřové koleno) te maken, slaakte Věra een kreet van verrukking. Ze was dol op de zoetige smaak van het malse geroosterde vlees dat nog aan het bot van het zwijnengewricht verbonden zat. Aan tafel kon je dan zo heerlijk onbehouwen het met mierikswortel en mosterd verrijkte vlees van het bot afkluiven, waarbij het lobbige vet vermengd met het drabbige vleessap soms letterlijk van je kin afdruipt. Tja, het leven was gemoedelijk in het kleine Boheemse stadje en niets wees nog op het naderende onheil dat spoedig over Europa heen zou dalen.

preview van een deel uit het eerste Hoofdstuk van mijn meerjarig schrijfproject

zaterdag 29 juni 2013

Apotheose

Het is mooi om te zien hoe kleine jongens zich ineens ontpoppen als man. Dat proces begint in feite al op het moment dat ze voor het eerst naar de middelbare school gaan en zet zich geleidelijk en bijna onwaarneembaar voort tot op het moment van de diploma-uitreiking. Dat moment vormt het sluitstuk, de ware apotheose, de gedaanteverwisseling van onzekere puber naar goedgeklede zelfverzekerde jong volwassen man, die nonchalant, met ontspannen lach, zijn diploma in ontvangst neemt. Ook wij hebben dat bijzondere fenomeen afgelopen week weer mogen meemaken.

G heeft er werkelijk voor moeten knokken, de vooruitzichten aan het begin van zijn laatste schooljaar waren niet bepaald bemoedigend. De peptalks van zowel de schoolmentor als vanuit het thuisfront, maar vooral het lonkend perspectief van de Rotterdamse opleiding, waarop hij zijn zinnen heeft gezet, hebben G er in gezamenlijkheid toe aangezet om werkelijk al zijn vrije uurtjes te benutten voor een goede afronding van zijn laatste schooljaar. De afgelopen maand heeft hij met het maken van de examens de klus geklaard. Met de juiste instelling het positieve resultaat geheel aan zichzelf te danken.

Kleren moesten er komen, uiteindelijk hadden onze meiden die bij eerdere gelegenheid ook gehad. G is daarbij, ten aanzien van de te maken keuze, zeker eigenzinnig te noemen. IJdelheid en modebewustzijn mogen hem in het geheel niet worden ontzegd. Na enkele, speciaal daar toe georganiseerde expedities, kon de inhoud van de luxe kartonnen draagtassen eindelijk definitief aan de kledingkast worden toevertrouwd.

Het is van een bijzondere schoonheid om G voor het eerst in een eigenzinnig gekozen combinatie op het podium te zien staan. Wat een kerel, wat een uitstraling. Na de vakantie gaat G op kamers in Rotterdam. Ik heb er volledig vertrouwen in!